Nederland wil nieuwe onderzeeboten kopen. Kosten: meer dan 2,5 miljard euro. De strijd gaat tussen vier bedrijven, en staat op het punt van beginnen. Een bezoek bij een van die bedrijven.
Op een Franse scheepswerf worden onderzeeërs gebouwd.
Gaat Nederland die kopen? ‘Kijk, als je de joystick naar voren doet, daalt de boot. En stuur maar even naar links, om te kijken wat hij doet.’ De Franse militair wijst op een van de zes computerschermen met wijzers, grafieken en een kompas. ‘Een onderzeeër reageert traag. Laat hem nu even stijgen tot vijftien meter diepte, zodat de antennes uitgeschoven kunnen worden.’ Met een klein schokje begint de ruimte voelbaar te stijgen. Een rood lampje gaat aan: de simulatie is beëindigd. De simulator in het Franse Toulon, aan de Middellandse Zee, is de plek waar soldaten getraind worden om de ‘Barracuda’ te besturen. Deze gloednieuwe onderzeeër van het Franse bedrijf Naval Group, vernoemd naar de gelijknamige roofvis, wordt op dit moment afgebouwd; in 2020 moet hij in het water liggen.

Het Nederlandse kabinet heeft bekendgemaakt de komende jaren nieuwe onderzeeërs te willen kopen. De huidige vier Nederlandse duikboten, van de ‘Walrusklasse’, stammen uit de jaren negentig. Twee jaar geleden zijn de onderzeeërs gemoderniseerd, zodat ze tot 2025 meekunnen. Maar daarna zijn ze echt opgebruikt, en zullen ze vervangen moeten worden.

Diverse bedrijven hebben interesse in deze opdracht, en Naval Group (zie kader) is daar één van. Het bedrijf heeft een groep journalisten uitgenodigd om te laten zien wat het voor Nederland kan betekenen. Op de scheepswerf van vijftig hectare in Cherbourg, in het noorden van Frankrijk aan het Kanaal, zijn al meer dan honderd onderzeeërs gebouwd. In een gigantische hal werken dagelijks zo’n 2500 mensen aan het eerste exemplaar van de Barracuda, een onderzeeër van zeven meter breed en honderd meter lang. Wie boven op de boot wil staan, moet de lift nemen naar de vierde verdieping. In de hallen ernaast liggen al staalplaten en onderdelen voor exemplaar twee, drie en vier. Uiteindelijk moeten er zes van de band rollen, voor de Franse marine. Naval Group wil Nederland de Barracuda aanbieden, met twee verschillen: de Nederlandse boot zou kleiner zijn en niet aangedreven worden door kernenergie, maar door ‘normale’ diesel-elektromotoren. Prijs: een slordige 800 miljoen euro per stuk.

Geheimzinnig
Onderzeeboten werken doorgaans in het diepste geheim – dat is uiteraard het hele idee van een duikboot. Die geheimzinnigheid begint niet pas als het apparaat geleverd wordt. Ook tijdens het ontwerp en de bouw van de Barracuda is ‘geheim’ een veelgebruikt woord. Fotograferen is overal uitdrukkelijk verboden. Bezoekers mogen geen mobiele telefoons of tablets bij zich hebben – die verdwijnen in een kluis bij de ingang. De foto’s die wél gepubliceerd mogen worden, op een uitgedeelde usb-stick, zijn nauwkeurig gecontroleerd. ‘Je zult verbaasd zijn over hoeveel informatie er uit één foto te halen is’, zegt een Franse medewerker van Naval Group. Er zijn genoeg landen die jacht maken op informatie over de geavanceerde technologie in de kernonderzeeër. ‘We hebben nog een lichte voorsprong’, antwoord Eric Chaplet op de vraag hoe groot de dreiging van bijvoorbeeld de Russen is. Chaplet, voormalig admiraal van de Franse marine, herinnert zich glimlachend de onderzeeërs van de vroegere Sovjet-Unie. ‘Die dingen ronkten zo dat je ze van kilometers ver al hoorde aankomen. Maar de Russen hebben zich in de afgelopen jaren enorm ontwikkeld. Daarom is het belangrijk dat we ze vóór blijven. Dus moeten we instrumenten gebruiken die nóg gevoeliger zijn, en onze onderzeeërs nóg stiller maken.’ In Cherbourg worden daarom alle motoren en pompen getest op geluidsniveau en trilling. Hetzelfde gebeurt met de twintig kilometer aan leidingen en pijpen in de onderzeeër, met daarin water, lucht en olie. Het doel: zo min mogelijk geluid. ‘Het is niet de bedoeling dat het schip gaan suizen als je een kraan openzet.’ Alle onderdelen worden getest in druktanks van tien bij drie meter. Maximale druk: 250 bar. Ter vergelijking: de druk in een autoband is 2,5 bar.

Metaalmoeheid
Al dat testen is nodig om de onderzeeër in alle (extreme) omstandigheden goed te laten werken. Zo is metaalmoeheid een risico, door de enorme waterdruk diep in de zee. Een onderzeeër met een wand van 7,5 centimeter dik staal wordt op driehonderd meter diepte zo’n twintig centimeter in elkaar gedrukt. Zodra de duikboot stijgt, zet het staal weer uit.
In Cherbourg liggen daarom platen van een speciaal soort staal, vertellen medewerkers van de Naval Group. Welke soort precies, is vanzelfsprekend geheim. En hoe dik de stalen wanden van de Barracuda dan zijn? ‘Classified’, geheim, glimlacht de man die de groep rondleidt.
De staalplaten die in de fabriekshal liggen, zijn in ieder geval vele centimeters dik. Een pers van twaalfduizend ton is ongeveer een week bezig om een plaat mooi rond te buigen. In een laboratorium verderop hangen stukken staal dagen, weken, maanden en soms zelfs jaren in bakken met zeewater.

Lees verder op Nederlandsdagblad.nl