Marinebouw.nl

Nieuws over de Nederlandse Gouden Driehoek

Pagina 2 van 47

Duitse scheepswerf TKMS heeft Nederland aangepast aanbod voor onderzeeboten gedaan

In de slotminuten van de wedstrijd heeft ThyssenKrupp Marine Systems (TKMS) Nederland een aangepast aanbod gedaan voor onderzeeboten. Het Duitse bedrijf had eerder de Type 212CD aangeboden, die ook voor Duitsland en Noorwegen wordt gebruikt. TKMS biedt nu zelf een flexibeler ontwerp aan, plus het gebruik van de technologie van het ontwerp voor Nederland. Dat bleek tijdens een bezoek van Marineschepen.nl aan TKMS vorige week. 

Vorige week woensdag was Jaime Karremann van Marineschepen.nl in Kiel om de werf en het aanbod van TKMS te bekijken. Daarmee was de Duitse werf de laatste in de rij van vier bezoeken aan scheepswerven die de vervanger van de Walrusklasse willen bouwen. Eerder schreef Marineschepen.nl al dat TKMS in de strijd om de nieuwe Nederlandse onderzeeboten was teruggezakt van de koppositie naar een plaats die uitschakeling betekent. In Kiel bevestigde de Duitse werf dat het er voor TKMS lang goed uitzag, omdat Duitsland en Nederland op hoog niveau spraken over een samenwerking op gebied van onderzeeboten. Hoe de deal er verder uitzag zegt het bedrijf niet, maar zeker is wel dat gesproken werd over onderzeeboten voor Duitsland, Noorwegen én Nederland. Om het maximale uit die samenwerking te halen, moesten de boten voor Duitsland, Noorwegen en Nederland identiek zijn. Dus bood TKMS Nederland de Type 212CD aan.

Type 212CD
De Type 212CD is een onderzeeboot die volgde op de Type 212NG (Next Generation), een ontwerp van TKMS voor de Duitse marine. De NG kwam op zijn beurt weer voort uit de 212A. Toen Noorwegen geïnteresseerd bleek, zag de Type 212 Common Design het licht. Omdat Noorwegen en Duitsland nog altijd in overleg zijn over het ontwerp, heeft TKMS nog niets bekend kunnen maken over de onderzeeboot. Om toch een beeld te schetsen van de onderzeeboot, licht TKMS een tipje van de sluier op.

Volgens TKMS is de 212A specifiek voor de Oostzee ontworpen en is de 212CD een ocean going ontwerp. Marineschepen.nl heeft begrepen dat 212CD een waterverplaatsing van 2400 ton heeft. Dat is beduidend groter dan de 212A en komt meer in de buurt van de Walrusklasse van 2800 ton. Verder krijgt de 212CD een composieten schroef die volgens TKMS veel lichter en stiller is. Daarnaast wordt a-magnetisch staal gebruikt om zo min mogelijk zichtbaar te blijven voor magneetsensoren. De 212CD voldoet aan de eisen van Defensie voor zover die bekend zijn. Toch voldoet deze boot niet maximaal aan de wensen van de Onderzeedienst, erkent ook TKMS. Lang zag het Duitse bedrijf zich genoodzaakt om alleen de standaard 212CD aan te bieden met het oog op de lopende gesprekken op hoog niveau in het kader van internationale samenwerking.

Lees verder op Marineschepen.nl

Vervanger Walrusklasse onderzeeboten

De Vervanger Walrusklasse, bestaat uit nieuwe onderzeeboten voor de Koninklijke Marine die vanaf 2027 de huidige Walrusklasse onderzeeboten opvolgen, als zij daadwerkelijk door de Nederlandse regering worden besteld. Het project bevindt zich nog in de beginfase. De onderzeeboten zullen dieselelektrische onderzeeboten worden, mogelijk met als aanvulling luchtonafhankelijke voortstuwing.

De vier dieselelektrische onderzeeboten van de Walrusklasse bereiken rond 2025 het einde van de levensduur. Deze zullen dan niet meer inzetbaar zijn. De boten moeten vervangen worden of de Onderzeedienst wordt opgeheven.

1. In het kort en actueel
2. Begin van het project (2005 – 2015)
3. De eerste fases (2016 – 2019)
4. Planning
5. Eerste (deels) buitenlandse nieuwbouw
6. Kosten
7. Bouwer en internationale samenwerking
8. De ontwerpen van Saab, Naval Group, TKMS en Navantia
9. Wensen Onderzeedienst
10. Drones
11. Aantal onderzeeboten
12. Specificaties 

Bekijk op deze pagina van Marineschepen.nl alle hoofdstukken en lees alles over vervaning van de Walrusklasse.

Strijd om Nederlandse onderzeeebootdeal feller: TKMS opent aanval

“Het is alsof je Fokker vraagt een straaljager te bouwen,” zei de CEO van de Duitse scheepswerf TKMS Rolf Wirtz zaterdag in De Telegraaf. De marktleider op onderzeebootgebied opende daarme de aanval op de combinatie Saab-Damen die momenteel als een van de grote kanshebbers voor de Nederlandse onderzeeboten geldt. Wirtz legt vooral de nadruk op de relatieve onervarenheid van de concurrenten en de bijbehorende risico’s. 

In 2013, nog voordat Defensie openlijk over vervanging sprak, waren er al intentieverklaringen met Noorwegen en later Duitsland getekend over samenwerking op gebied van onderzeeboten. Uit gesprekken die Marineschepen.nl in de jaren daarop voerde kwamen steeds vaker (onbevestigde) verhalen naar voren waaruit bleek dat TKMS de order zou krijgen. Dat veranderde echter plotseling, in een tijd dat TKMS het op alle fronten moeilijk kreeg. Het verloor bijvoorbeeld de competitie om Australische onderzeeboten van Naval Group, er waren technische problemen met nieuw door hen opgeleverde schepen en onderzeeboten, TKMS werd zelfs uitgeschakeld in de race om Duitse MKS-180 fregatten.

TKMS zakte ver terug. Sinds vorig jaar lijkt de strijd vooral te gaan om Saab-Damen en Naval Group. Aangezien de verwachting is dat twee van de vier partijen naar de volgende ronde zullen gaan, is een derde plaats uiterst zorgelijk voor TKMS. Bij TKMS is er bovendien de vrees dat de strijd al gelopen is en de keuze achter de schermen is gevallen op de Zweeds-Nederlandse combinatie. De tijd om er nog iets aan te doen dringt, want binnen een paar weken wordt de verlossende B-brief van staatssecretaris Barbara Visser verwacht.

Ervaring
TKMS was de afgelopen jaren nauwelijks in de publiciteit omtrent de Nederlandse onderzeebootdeal (wel zijn er veel contacten met Defensie geweest), maar nu wordt het offensief gekozen om uit deze benarde situatie te komen. Speerpunt: de risico’s van onderzeebootbouw. Uiteraard een gevoelig punt in politiek Den Haag, waar men risico’s zoveel mogelijk wil uitbannen. Vanuit PR-oogpunt een (voor de korte termijn) slimme zet, en TKMS heeft ook een punt. TKMS heeft namelijk van alle partijen die deelnemen in de competitie verreweg de meeste onderzeeboten ontworpen en gebouwd. Hoe meer ervaring, hoe meer kennis en hoe minder risico, is het idee. En met die ervaring zit het wel goed. Want TKMS heeft, nadat de laatste door Nederland gebouwde onderzeeboot in 1994 in dienst werd gesteld, volgens een telling van Marineschepen.nl 73 onderzeeboten gebouwd of in bestelling gekregen voor de komende jaren. Deze onderzeeboten werden ontworpen en/ of gebouwd voor twaalf verschillende landen, in tien verschillende variaties en worden over de hele wereld gebouwd. Van Duitsland tot Singapore en van Zuid-Korea tot Brazilië.

Navantia, Naval Group en Saab Kockums komen niet eens in de buurt, zelfs niet als al hun projecten vanaf 1995 bijelkaar worden opgeteld. Naval Group heeft, volgens Marineschepen.nl, sindsdien namelijk 43 onderzeeboten gebouwd/ in bestelling. Veertien daarvan, Scorpènes, werden in samenwerking met Navantia gefabriceerd. Ook de Franse werf bouwde de onderzeeboten in eigen land en het buitenland. Van de 43 bouwden ze zes verschillende varianten.
Een belangrijk voordeel dat Naval Group vergeleken met de andere bouwers heeft, is dat 14 van die 43 onderzeeboten nucleaire onderzeeboten zijn. Acht daarvan zijn zelfs nucleaire onderzeeboten met ballistische raketten (SSBN). Daar zijn de Fransen terecht trots op, want die onderzeeboten zijn nog complexer dan conventionele onderzeeboten.

Het Spaanse Navantia bouwde dus veertien Scorpènes samen met de Fransen, alvorens zij aan hun eerste eigen project begonnen, de S-80. In totaal 18 boten in de laatste 25 jaar. Wat er gebeurde met de S-80 is bekend, een vertraging van 11 jaar een kostenoverschrijding van ruim een miljard euro. Maar, zeggen de Spanjaarden, we hebben er van geleerd en beginnen niet meer vanaf nul aan een ontwerp.

Lees verder op Marineschepen.nl

Nieuwe mijnenbestrijdingsvaartuigen, dit is het voorstel van Damen en Imtech

De aanbesteding van de mijnenbestrijdingsvaartuigen gaat rap richting de finale. Alle aanbieders hebben in oktober 2018 hun voorstellen ingediend en de verwachting is dat in februari of maart bekend zal worden welk ontwerp daadwerkelijk wordt gebouwd. De spanning stijgt, zo ook in Vlissingen waar Damen met maar liefst twee verschillende voorstellen hoopt op een succes. Centraal binnen de twee voorstellen staat hetzelfde schip. Daar wordt nu voor het eerst meer over bekend. 

Damen is samen met Imtech Belgium één van de aanbieders in de strijd om twaalf mijnenbestrijdingsvaartuigen voor België en Nederland. De andere partijen zijn Belgium Naval & Robotics (waarin de Franse bedrijven Naval Group en ECA de hoofdmoot vormen) en Sea Naval Solutions (de Belgisch-Franse combinatie bestaande uit EDR, Chantiers de l’Atlantique, Thales en Socarenam). Naval Group wil niet veel kwijt over hun aanbod en Sea Naval Solutions heeft al erg vroeg meer over hun voorstel bekend gemaakt. Ook Saab lichtte een tipje van de sluier op, maar trok zich halverwege 2018 terug uit de aanbesteding.

Twee voorstellen
Zoals gezegd heeft Damen met Imtech Belgium zich met twee voorstellen in de strijd om de MCMV’s gemeld. Het verschil zit ‘m in de middelen die het schip heeft om mijnen te bestrijden, ofwel de toolbox, waardoor de Belgische en Nederlandse marines een variant extra kunnen bekijken. Deze middelen moeten volgens de aanbestedingseisen bestaan uit o.a. onderwaterdrones (AUV’s en UUV’s), oppervlaktedrones (USV’s) en vliegende drones (UAV’s). In het ene voorstel komen die van Atlas Elektronik en in het andere voorstel van OIP-Elbit. In volgende artikelen wordt aandacht aan die twee toolboxen besteed.

Het schip
Centraal staat het MCM-moederschip. Het voorstel van Damen is een schip van 91,3 meter en met een waterverplaatsing van 3025 ton. Qua lengte zit dit schip tussen de hydrografische opnemingsvaartuigen (Snelliusklasse) en de patrouilleschepen van de Hollandklasse in, maar komt met de waterverplaatsing dicht bij de M-fregatten. De romp komt echter nog veel meer overeen met het nieuwe opleidingsschip voor de Australische marine, MV Sycamore, dat Damen in 2017 in Sydney afleverde; het rompontwerp werd als basis gebruikt voor het mijnenbestrijdingsvaartuig. Overigens is de Sycamore weer gebaseerd op het OPV 2400-ontwerp van Damen. Het schip is in tegenstelling tot de huidige Nederlandse en Belgische mijnenjagers van staal. Dat kan ook want het schip moet op afstand mijnen bestrijden, toch is aandacht besteed aan reductie van de onderwatersignatuur op akoestisch, magnetisch en elektrisch vlak tot op het niveau van een fregat.  Verder wordt gebruik gemaakt van een dieselelektrische voortstuwing, de dieselgeneratoren wekken stroom op voor de elektromotoren. Hiermee wordt de onderwatersignatuur gereduceerd, is er een hoge mate van redundantie en wordt de uitstoot beperkt. Het schip haalt een snelheid van ruim 15 knopen.

Op sensorgebied heeft het schip een zee- en luchtbeeldradar en natuurlijk een Mine Avoidance Sonar, plus een (radar en elektro-optische) vuurleiding tegen lucht- een zeedoelen. Deze doelen kunnen aangevallen worden met een 30mm kanon dat op de bak staat. De belangrijkste middelen die het schip heeft zijn uiteraard de tools. Een vliegende drone kan opereren vanaf het vliegdek. Daaronder bevindt zich de USV/ toolbox garage. Dit is een ruimte waar twee onbemande scheepjes (USV’s ) in passen met een lengte van circa twaalf meter of twee containers. Meer containers kunnen een dek lager ook gehuisvest worden, net als op het halfdek. De USV’s zetten ook de onderwaterdrones in.

Lees verder op Marineschepen.nl

Canadian navy pushing ahead on repairs to submarine fleet

OTTAWA — The Department of National Defence is pushing ahead with plans to extend the lives of Canada’s submarine fleet, with the head of the navy hoping some work will start in the coming months.

The movement comes as countries around the world have stepped up investments in their submarine and anti-submarine fleets to protect their waters — and operate in waters not under their control.
Canada’s four Victoria-class submarines have a troubled history since they were bought second-hand from Britain in 1998, with successive governments investing hundreds of millions of dollars in constant repairs and upgrades.

But in an interview with The Canadian Press, Royal Canadian Navy commander Vice-Admiral Ron Lloyd said the diesel-powered submarines — HMCS Chicoutimi, Victoria, Corner Brook and Windsor — have finally turned a corner. Lloyd specifically pointed to HMCS Chicoutimi’s having recently spent 197 days in the Pacific and Asia even as HMCS Windsor was patrolling the Mediterranean with NATO as proof the submarines are living up to their potential.

“The fact we had two boats concurrently deployed, if that doesn’t speak to the success of the program, I don’t know what does,” said Lloyd, who will retire from the military later this year after three years as navy commander.

The clock has been ticking on the four vessels: without upgrades, the first of the submarines will reach the end of its life in 2022, according to documents obtained through access to information, while the last will retire in 2027. But the Liberals’ defence policy promised to extend the lives of the vessels and Lloyd said defence officials are now working through the details to make sure they can continue to operate into the 2030s.

More extensive work is expected to start in about three or four years but Lloyd said efforts are underway to start implementing some minor upgrades by March.Exactly how much upgrading all four submarines will cost remains uncertain, but Lloyd said the figure that officials are working with is about $2 billion.Some experts have previously called for Canada to consider new submarines, rather than extending the lives of the ones it has, but the government has said upgrading the Victoria-class ships is more “prudent.”

Other experts have said the country doesn’t need such expensive vessels. But many other countries around the world are investing in submarine and antisubmarine fleets. NATO has specifically raised concerns about Russian submarines in the North Atlantic, while Canadian frigate commanders patrolling in the Atlantic and Mediterranean have reported more foreign submarines in recent years.

Lees verder op Richmond-news.com

Eerste afvaller(s) voor vervanging Nederlandse onderzeeboten volgende maand bekend

Het wordt spannend de komende weken in Den Haag als het gaat om de vervanging Walrusklasse onderzeeboten. In februari zal staatssecretaris van Defensie Barbara Visser met de B-brief Onderzeeboten komen en de verwachting is dat dan de eerste afvaller(s) bekend worden. Drie van de vier partijen zijn echter niet zomaar af te schrijven, maar toch wordt waarschijnlijk een van die drie naar huis gestuurd. Durft Den Haag straks Merkel, Macron of Damen de deur te wijzen?

Formeel komt de staatssecretaris in “het voorjaar van 2019” met de B-brief onderzeeboten. Deze brief zou eind 2018 verschijnen, maar dat werd uitgesteld naar 2019 op verzoek van het CDA-Kamerlid Hanke Bruins Slot in verband met de Defensie Industrie Strategie (DIS). In de wandelgangen wordt verwacht dat de brief echter in februari zal verschijnen. De besluitenlijst van de vaste Kamercommissie voor Defensie lijkt dat te bevestigen: “Agenderen voor een algemeen overleg Materieel Defensie, te plannen rond begin februari na ontvangst van de B-brief Onderzeeboten,” vermeldt het document bij punt 10.

Met die B-brief wordt de B-fase, de onderzoeksfase in het project vervanging onderzeebootcapaciteit, afgesloten. Voor de B-fase hebben de aanbieders van onderzeeboten meerdere keren informatie (Request For Information 1 en 2) moeten aanleveren over hun scheepswerven en onderzeeboten. Maar al geruime tijd is de verwachting dat dan ook bekend wordt welke partijen door gaan naar de volgende ronde. Dat blijkt uit gesprekken die Marineschepen.nl de afgelopen maanden met insiders voerde, maar ook uit openbare bronnen zie bijvoorbeeld deze nieuwsbrief van de Stichting Nederlandse Industrie voor Defensie en Veiligheid (NIDV). Dat is ook gebruikelijk bij dit soort projecten omdat in een volgende fase nog dieper in de materie wordt gedoken, bovendien heeft de Defensie Materieel Organisatie (DMO) niet de capaciteit om de stapels met documentatie en berekeningen die de aanbieders in die fase moeten sturen, in korte tijd grondig te bestuderen.

Uit hoeveel partijen die zogenaamde shortlist zal bestaan, daar verschillen de verwachtingen over. De meest gehoorde optie is twee partijen. Dat is logisch want met drie partijen zadelt DMO zich nog altijd met heel veel werk op en met één partij is er natuurlijk al een keuze.

Lees verder op Marineschepen.nl

France, Germany aim to unify their clashing weapons-export rules

COLOGNE, Germany — The German Cabinet has approved a new, high-level pact with France that calls for a common approach to weapons exports in all joint programs.

The objective is included in the so-called Aachener Vertrag, slated to be signed by French President Emmanuel Macron and German Chancellor Angela Merkel in the German city of Aachen on Jan. 22. The document is meant to be a milestone agreement complementary of the Élysée Treaty, signed 56 years ago, further cementing ties on all levels between the former World War II foes.

Berlin and France previously clashed over the question of export limitations for the Future Combat Air System, a sixth-generation warplane envisioned to take flight sometime around 2040, Germany’s Der Spiegel reported last fall. France generally is open to exporting arms to many governments willing to pay for them. German leaders profess to take a more cautious approach when human rights concerns crop up, though the government has a history of making arms deals through the back door anyway. The different philosophies came to a head following the death of Saudi journalist Jamal Khashoggi on Oct. 2, which some have alleged was orchestrated by Saudi Arabian Crown Prince Mohammed bin Salman. The Saudi ruling family has denied the allegations, buoyed by the Trump administration’s decision to play down the matter.

The allegations led Merkel to publicly call for halting weapons exports to Saudi Arabia, a move that drew a sharp rebuke from Paris, where officials fumed about what they perceived as German sanctimoniousness.

Lees verder op Defensenews.com

How Romania want to lose Naval Group at all costs in favor of Damen

For unclear reasons, Romania is desperately trying to win the Dutch Damen at the expense of Naval Group … who won the tender. Paris is ready to step up to defend the offer of naval group.

Naval Group could certainly lose the tender for the sale of four Gowind corvettes it has yet won in Romania, according to sources concurring. How is it possible? The Romanian government, which is expected to announce the selection of a supplier on January 12, has long been rolling for Damen, a partner in the Romanian yard Galati, of which 49% of the capital is held by the Dutch naval group, alongside the Romanian state (51%). This is particularly the case of one of the most powerful men in Romania, the Social Democrat President of the Chamber of Deputies Liviu Dragnea, who makes and defeats governments.

But a very, very big grain of sand has stopped the process as imagined by Bucharest: Naval Group, in cooperation with the Romanian yard SNC, presented to the bad surprise of the Romanian authorities in early December when opening the envelopes, the best-performing offer in terms of price for four Gowind corvettes manufactured in Romania: 1.2 billion euros, against 1.25 billion for Damen and 1.34 billion for Fincantieri. A real icy shower for Bucharest, which already had to cancel a process of acquiring four corvettes for procedural irregularities committed in favor of Damen in 2016.

Find a reason to bring down Naval Group
For the Romanians, the result of early December is messy. All the more so since the Romanian press’s revelations of the alleged corruption of Damen have flourished in many articles in recent weeks. For the government, the whole question is to find a parade to legally assign the contract to Damen and dress this decision by artifice. It is from here that some maneuvers (audit, prolonged examination of the file …) come to make Naval Group fall or, at best, bog down the file and thus avoid a victory of the French naval group. In Paris, this situation and these behaviors that crossed the white line exasperated at the highest level. Moreover, it is expected, according to our information, that Florence Parly calls her new counterpart Gabriel Les, appointed November 20 last instead of Mihai Fifor, an opponent of Liviu Dragnea. A timely discussion as the new Romanian Defense Minister announced on 3 December, during a political broadcast on B1TV, that the government’s decision would be unveiled on 12 January. The Minister of defense should remind Bucharest that France is very attached to the rules of international law. In Romania, former President Traian Băsescu (2004-2014), accused on November 20, via his Facebook account, Liviu Dragnea, to want to influence the tender.

Is France a partner for Romania?
In 2008, France and Romania concluded a strategic partnership. A partnership that has been reaffirmed several times, and again recently. During the visit of the Romanian President to Paris on November 27, Klaus Iohannis, the two countries, in a context of increasing instability of our strategic environment, explained that “the strengthening of cooperation in the field of defense will continue to represent a priority, based on the commitments made by both countries in the EU and NATO framework and in support of the objectives of the EU-NATO Strategic Partnership “. In addition, the President of the Republic, Emmanuel Macron, went to Romania on 24 and 25 August 2017.

The corvette case is also reminiscent of another complicated case, which has become clearer in recent weeks: Airbus Helicopters. Bucharest has been walking for two years with the builder in Marignane while dredging openly in parallel, the American Bell helicopters, while Romania has forged a cooperation of almost 50 years with Airbus Helicopters, The Romanians had been in March in the United States, which has two military bases in Romania. Specifically, they went to Bell’s headquarters in Fort Worth, Texas, to the American manufacturer’s factory in Amarillo, and finally to Pendleton Camp to talk to the Marines about the Viper. According to our information, the Romanians have backtracked.

Dit is een vertaling van het orginele bericht te raadplegen via: Latribune.fr

Bijleveld: vertrek Mattis is verschrikkelijk

DEN HAAG – Minister Ank Bijleveld van Defensie vindt het „verschrikkelijk” dat haar Amerikaanse ambtgenoot James Mattis eind februari opstapt. „Hij houdt altijd de samenwerking met de bondgenoten in de gaten en dat is voor Nederland van ontzettend belang.”

Bijleveld hoopt „van harte” dat de opvolger van Mattis diens beleid voortzet en dat de lijn van „echt investeren in bondgenootschappen en samenwerking niet verlaten wordt.” Bijleveld gaat haar Amerikaanse collega zelf ook nog bellen om te zeggen hoe vervelend ze zijn vertrek vindt.

Lees verder op Telegraaf.nl

WEG AND PRAXIS SIGN MOU TO SUPPORT DAMEN SAAB BID FOR THE BRAZILIAN NAVY

On December 13th, Brazilian company WEG Electric Equipment and Dutch company Praxis Automation Technology, both leading companies within their respective fields, signed a Memorandum of Understanding (MoU) to support the bid of Damen Shipyards Group and Saab for the construction of four corvettes for the Brazilian Navy. For the Tamandaré class corvettes bid, Praxis and WEG will be partners for the supply of the complete Integrated Platform Management System (IPMS).

The signing took place at Damen Schelde Naval Shipbuilding in the Netherlands and was witnessed by staff from Damen, Saab and its strategic Brazilian partner Wilson Sons Estaleiros.

Praxis and WEG already have a track record of cooperation in Brazil, with the two companies jointly installing equipment on board more than 40 vessels built by Wilson Sons Estaleiros and designed by Damen, including the first diesel-electric PSV in Brazil. Praxis develops, manufactures and delivers innovative automation and navigation equipment, while WEG is a Brazilian technology company that among many other activities is active in the area of industrial automation.

With this MoU, the Damen Saab Tamandaré consortium is ensuring another strong partnership with two leading Brazilian companies, which will be part of the project to build four corvettes in Brazil. It proves the intention of the consortium to present a credible and reliable offer to the Brazilian Navy with a proven ship design (SIGMA 10514), a world class Combat Management System and strong partnerships with Brazilian companies for the construction and ‘through life support’ of the future Tamandaré class.

Lees verder op Damen.com

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2019 Marinebouw.nl

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑